Het laatste kerstmaal

Zittend op een houten kist veegt hij de laag stof van de doos. Het duurde langer dan verwacht om hem te vinden tussen alle herinneringen waarvan binnenkort niemand meer weet zal hebben. Op dat soort momenten mist hij haar het meest. Als hij niet meer wist waar hij zijn sleutels had neergelegd, had Ellen ze binnen een paar minuten gevonden. En van elke doos op zolder had zij precies geweten wat erin zat. De beschrijving in haar sierlijke handschrift bovenop de doos is vooral voor hem bedoeld. Zo helpt ze hem zelfs nu nog om spullen terug te vinden. Lees verder

Een lach en een traan

Nog veertien nachtjes slapen en het is weer Kerst. Of het een witte kerst wordt weten we niet, maar bij het schrijven van dit bericht zag ik wel een paar strooiwagens bezig de straat (en de auto’s) met pekel te bestrooien. Kerst is sowieso een feest met vrede als hoofdthema. Bij de Kerst wordt er niet gesproken van de roe en de gard en worden termen als de hemel en de hel zoals in de Bijbel ook niet gebruikt. Kerst is een heidens feest, dat al decennia lang ook door Christenen werd gevierd.
Lees verder

De Kerstmantel

Terwijl Peter achter zijn oma aan de keldertrap afloopt, ziet hij voor het eerst sinds hij een kleine jongen was, de werkplaats van zijn opa in de kelder. Tegen de achtermuur staan dozen gestapeld.
“Volgens mij bewaarde je opa daar de kerstversieringen,” zegt zijn oma met een vleugje weemoed in haar stem, “Elk jaar controleerde hij alle lampjes. Als er eentje kapot was, verving hij hem. Ik heb zo vaak gezegd dat hij gewoon een nieuw snoer moest kopen, maar hij wilde het niet.” Met een zakdoek dept ze haar ooghoeken droog. “Ik vind het fijn dat je komt helpen.”
Peter legt een hand op zijn oma’s schouder. “Geen probleem, oma. Straks staat de kerstboom weer gewoon in de hoek naast de haard.”
Lees verder

Onder de volle kerstmaan

“Wil je een kopje warme chocolademelk?”
Daan knikt naar de oude dame die hem vriendelijk toelacht. Ze draagt een rode jurk met een wit schort. Op haar neus staat een klein rond brilletje en haar grijze haren zijn in een knot gebonden.
“Ik heb net kerstkransjes gemaakt, wil je er eentje proeven?”
Daan knikt weer. “Sorry,” fluistert hij, “ik wist niet…”
“Wil je niet zitten?”
Aarzelend neemt hij plaats op een van de houten stoelen aan de keukentafel. Verlegen staart hij naar de geborduurde witte kaarsjes op het rode tafelkleed.
“Alsjeblieft, Daan.” De vrouw zet een grote, roodwitte mok voor hem op tafel. De geur van verse chocolademelk dringt tot diep in zijn neus.
“Het is niet erg hoor.” De vrouw neemt tegenover hem plaats. “Ik vind het wel gezellig om weer eens bezoek te hebben hier. De laatste keer is alweer een tijdje geleden.” Lees verder